Ik verkoop kleding en textiel onder mijn eigen merk — welke verplichtingen krijg ik?
Eigen merk maakt u tot fabrikant onder de ESPR
Wie kleding of textiel onder een eigen merknaam op de markt brengt, wordt voor het digitaal productpaspoort behandeld als fabrikant — ook als de productie is uitbesteed aan een ander bedrijf. Dat is het uitgangspunt van artikel 27 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781): niet wie de stof weeft of de kleding naait draagt de verplichtingen, maar wie het product onder zijn eigen naam of merk verkoopt. Voor private label en eigen-merk collecties betekent dit dat de verplichtingen die normaal bij een fabrikant liggen, verschuiven naar het bedrijf dat het merk voert. De feitelijke fabricage kan dus overal gebeuren; de verantwoordelijkheid voor het paspoort ligt bij de merkhouder.
Voor eigen-merk verkoop, niet voor doorverkoop van andermans merk
Deze regel geldt voor bedrijven die kleding of textiel onder hun eigen merknaam verkopen, ook wanneer de productie is uitbesteed aan een fabriek in binnen- of buitenland. Het gaat dus om de situatie waarin het label in het kledingstuk de naam van de verkoper draagt, niet die van de fabrikant. Voor wie puur bestaande merkkleding doorverkoopt zonder daar een eigen merk op te zetten — een groothandel of retailer die het merk van de fabrikant intact laat — gelden andere rollen binnen de ESPR, met andere verplichtingen dan die van artikel 27. Ook belangrijk: deze verplichtingen gaan pas gelden voor productgroepen waarvoor een gedelegeerde handeling is vastgesteld. Zolang die er voor kleding en textiel niet is, is er nog geen paspoortplicht, ongeacht onder welk merk het product wordt verkocht.
De datum staat nog niet vast; 2027 is de verwachting voor de regelgeving, niet voor de verplichting
Er is nog geen vaste datum waarop de fabrikantsverplichtingen van artikel 27 voor kleding en textiel ingaan. Wat wel vaststaat: de Europese Commissie heeft in haar ESPR-werkplan voor 2025-2030 aangegeven een gedelegeerde handeling voor textiel te verwachten in 2027, met kleding die voor tachtig procent of meer uit textielvezels bestaat als eerste categorie. Die gedelegeerde handeling moet nog worden opgesteld, becommentarieerd en vastgesteld voordat er een concrete ingangsdatum aan hangt. Tot die tijd gelden voor kleding en textiel geen paspoortverplichtingen op grond van de ESPR. Zodra de handeling is gepubliceerd, wordt die datum hier vermeld.
Wat te doen: eerst uitzoeken waar de merkverantwoordelijkheid ligt
Voor wie nu al onder eigen merk verkoopt en zich hierop wil voorbereiden, is de eerste stap helder krijgen welk deel van de collectie onder het eigen merk gaat, en welk deel eventueel onder het merk van een derde blijft — want alleen voor het eerste geldt de fabrikantsrol uit artikel 27. De tweede stap is nagaan welke informatie een producent of fabriek al kan aanleveren over materialen, herkomst en samenstelling, want die gegevens vormen straks de basis van het paspoort, ongeacht wie het paspoort uiteindelijk samenstelt en host. De derde stap is in de gaten houden of de collectie binnen de groep valt die als eerste aan de beurt is: kleding met tachtig procent of meer textielvezels. Voor collecties die daarbuiten vallen, is er meer tijd voordat concrete verplichtingen volgen, al is ook daarvoor nog geen datum vastgesteld. Wie dit proces nu al inricht — vastleggen welke leverancier welke informatie aanlevert, en in welk formaat — hoeft bij publicatie van de gedelegeerde handeling niet bij nul te beginnen.
Waar dit uit volgt: artikel 27 van de ESPR
Deze uitleg is gebaseerd op artikel 27 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781), dat de verplichtingen van fabrikanten regelt en waarin is vastgelegd dat een bedrijf dat een product onder zijn eigen naam of merk in de handel brengt, voor de toepassing van de verordening als fabrikant wordt aangemerkt. De verwachte planning voor textiel en kleding, inclusief het jaar 2027 en de tachtig-procent-drempel voor textielvezels, komt uit het ESPR-werkplan van de Europese Commissie voor de periode 2025-2030. Voor de precieze reikwijdte en het exacte moment waarop deze verplichtingen voor kleding en textiel gaan gelden, is de gedelegeerde handeling die nog moet volgen de bepalende bron.
Wie nu al onder eigen merk verkoopt, kan het beste beginnen met een overzicht van de eigen collectie en de informatie die leveranciers daarover kunnen aanleveren — zodat er, zodra de gedelegeerde handeling voor textiel is gepubliceerd, snel duidelijk is welk deel van het assortiment eronder valt en welke gegevens al beschikbaar zijn.
Waar dit op gebaseerd is
De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.
Wat u concreet moet doen
Kleding onder een eigen merk verkopen kan op verschillende manieren georganiseerd zijn: een collectie die volledig door een externe fabriek wordt gemaakt en alleen het eigen label draagt, of een productieproces waarbij het bedrijf zelf nauw betrokken is bij ontwerp en materiaalkeuze. Voor de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) maakt dat onderscheid wel degelijk uit, want de verordening kijkt naar wie het product "onder zijn naam of merk" op de markt brengt. Wie kleding onder een eigen merk verkoopt, valt daardoor doorgaans onder de definitie van fabrikant, ook als de daadwerkelijke productie volledig is uitbesteed. Op Ben ik importeur of fabrikant volgens de ESPR? staat uitgewerkt hoe die indeling precies werkt.
Wat er van u wordt verwacht
Zorgen dat het productpaspoort er is
Artikel 27 van de ESPR legt de fabrikant de verplichting op om te zorgen dat een product vergezeld gaat van het vereiste productpaspoort. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers betekent dit praktisch dat er iemand binnen de organisatie is aangewezen die dit proces bewaakt: verzamelen van gegevens bij de fabriek, controleren of alles klopt, en zorgen dat het paspoort bij het product hoort voordat het de markt op gaat. Dat kan intern worden opgepakt, of worden uitbesteed aan een partij die dit voor het merk verzorgt.
Technische documentatie op orde houden
De fabrikant houdt de technische documentatie bij die aantoont dat het product aan de eisen voldoet. Voor een merk dat via meerdere fabrieken laat produceren, betekent dit dat er per collectie of per productlijn een dossier moet bestaan, niet één algemeen document voor het hele merk. Bij een assortiment dat regelmatig wisselt — nieuwe seizoenen, nieuwe leveranciers — vraagt dit om een vast intern proces, anders raakt de documentatie snel versnipperd over verschillende mappen en contactpersonen.
Naam en contactgegevens op het product of de verpakking
Artikel 27 vraagt ook dat de naam, het geregistreerde handelsmerk en het contactadres van de fabrikant vindbaar zijn op het product, de verpakking, of in begeleidende documentatie. Voor een eigen merk is dit meestal al staande praktijk via het kledinglabel, maar het is goed om te controleren of de gegevens die er nu op staan (bijvoorbeeld alleen een webshop-URL) voldoende zijn om als contactadres te gelden.
Corrigerende maatregelen nemen bij afwijkingen
Wanneer een fabrikant redenen heeft om aan te nemen dat een product niet aan de eisen voldoet, wordt van hem verwacht dat hij dit corrigeert of het product zo nodig terugtrekt. Voor een merk dat op grote schaal bij een externe partij laat produceren, betekent dit dat er een lijn moet zijn terug naar de fabriek: als daar iets misgaat met materiaalgegevens of samenstelling, moet dat snel bij het merk terechtkomen en niet pas bij een steekproef of klacht.
Samenwerken met toezichthoudende autoriteiten
Fabrikanten werken mee wanneer een autoriteit om informatie of maatregelen vraagt. Voor een middelgroot bedrijf komt dit vooral neer op het kunnen produceren van de juiste documenten binnen een redelijke termijn — wat weer teruggrijpt op hoe goed die documentatie op voorhand is georganiseerd.
Waar het misgaat in de praktijk
Een eerste situatie die vaak terugkomt: een merk denkt dat de fabriek verantwoordelijk is voor het paspoort, omdat de fabriek "toch alles weet" over materiaal en samenstelling. De fabriek levert de gegevens, maar de verplichting uit artikel 27 rust op degene die het product onder zijn merk verkoopt — dus op het merk zelf, niet op de fabriek.
Een tweede situatie: bij private label wisselt de fabriek regelmatig, bijvoorbeeld omdat de inkoopafdeling steeds naar de scherpste prijs zoekt. Elke wisseling betekent nieuwe gegevens, nieuwe documentatie, en het risico dat het paspoort van het vorige seizoen wordt "gekopieerd" zonder te checken of de nieuwe fabriek dezelfde materialen en samenstelling gebruikt. Meer over deze constructie staat op Ik laat kleding onder mijn eigen label maken — wie maakt het paspoort?
Een derde situatie: een merk verkoopt zowel via de eigen webshop als via een externe marktplaats, en gaat ervan uit dat de marktplaats de verplichtingen wel regelt. Dat is niet zo — de verplichtingen van artikel 27 liggen bij de fabrikant, ongeacht het verkoopkanaal. Wat een marktplaats wel en niet regelt, staat toegelicht op Wat betekent het productpaspoort als ik kleding en textiel via een online marktplaats verkoop?
Een vierde situatie: de fabriek zit buiten de EU en het merk gaat ervan uit dat de importeur die het vervoer regelt ook het paspoort regelt. Ook dat is een aanname die niet automatisch klopt; wie welke rol heeft wanneer productie buiten de EU plaatsvindt, staat uitgewerkt op Mijn fabrikant zit buiten de EU — wie regelt het productpaspoort dan?
Een vijfde situatie: het merk heeft wel documentatie, maar verspreid over e-mails, WhatsApp-berichten met de fabriek en losse Excel-bestanden. Zodra er een vraag komt van een toezichthouder of een handelspartner, kost het weken om alles bij elkaar te zoeken — en in die tussentijd is niet aan te tonen dat de informatie klopt.
Wat u kunt vastleggen
- Een overzicht per collectie of productlijn van welke fabriek welk artikel heeft geproduceerd, inclusief materiaalgegevens.
- Een vaste procedure voor het opvragen van gegevens bij een nieuwe fabriek, zodat dit niet ad hoc per seizoen wordt uitgevonden.
- Contactgegevens en verantwoordelijke persoon binnen het eigen bedrijf die als aanspreekpunt geldt voor het paspoort.
- Een dossier met technische documentatie per productlijn, aantoonbaar gekoppeld aan de juiste versie van het product.
- Afspraken met de fabriek over wat er gebeurt als materiaalgegevens later wijzigen of onjuist blijken.
- Een overzicht van de verkoopkanalen waarlangs het merk wordt aangeboden, zodat duidelijk is waar het paspoort overal moet meereizen.
Wie behalve het eigen merk ook andere rollen vervult — bijvoorbeeld ook optreedt als groothandel richting andere winkels — doet er goed aan de bijbehorende verplichtingen apart te bekijken op ik ben groothandel in kleding, wat zijn mijn verplichtingen bij het productpaspoort, omdat die rol net weer andere accenten legt dan die van fabrikant onder eigen merk.
Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.
Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.