texpas.eu

moet ik nu al mijn kledinglabels en verpakking aanpassen voor het productpaspoort

Nee, nog niet verplicht — maar wel iets om nu al in te plannen

Er is nu geen wettelijke verplichting om kledinglabels of verpakking aan te passen voor het digitale productpaspoort. De gedelegeerde handeling die dit voor kleding concreet gaat regelen, is er nog niet: die wordt volgens het werkplan onder de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) verwacht in 2027, met kleding die voor tachtig procent of meer uit textielvezels bestaat als eerste categorie. Zolang die handeling niet is gepubliceerd, staat er ook geen datum vast waarop de QR-datadrager op het label of de verpakking moet staan. Dat betekent niet dat er niets te doen is — het betekent alleen dat er nu geen actie is die uit een wettelijke plicht voortvloeit.

Voor welk soort aanpassing dit wel of niet geldt

Het onderscheid dat hier telt, is tussen twee heel verschillende dingen: het toevoegen van een QR-code of andere datadrager aan een label of verpakking, en het aanpassen van de bestaande verplichte etikettering (vezelsamenstelling, wasvoorschriften, land van oorsprong waar van toepassing). Alleen het eerste hangt samen met het productpaspoort en heeft dus nog geen vaste datum. De bestaande etiketteringsverplichtingen uit andere regelgeving blijven onverkort gelden en staan los van dit traject. Verder is van belang dat de eisen aan het paspoort zelf — welke gegevens erin moeten, hoe de datadrager moet werken — nog per productgroep worden vastgesteld via aparte gedelegeerde handelingen op basis van artikel 18 van de ESPR. Voor kleding is die handeling er nog niet, terwijl voor andere productgroepen zulke regels al wel in voorbereiding of vastgesteld kunnen zijn. Wie leveranciers heeft in meerdere productcategorieën, doet er goed aan die twee sporen niet te verwarren.

Wanneer dit wél gaat spelen, en wat er tot dan geldt

Er is geen vaste datum om hier te noemen. Wat vaststaat: het werkplan onder de ESPR noemt 2027 als verwachte periode voor de gedelegeerde handeling die kleding met een hoog aandeel textielvezels als eerste aanpakt. Een gedelegeerde handeling regelt onder meer hoe het paspoort technisch moet werken en welke datadrager (doorgaans een QR-code) daarbij hoort, zoals voorzien in artikel 11 van de ESPR. Pas als die handeling is vastgesteld en gepubliceerd, staat vast vanaf welk moment een label of verpakking de datadrager moet bevatten, en voor welke producten precies. Tot die tijd geldt er geen verplichting om labels of verpakking daarop aan te passen. Dat is geen aanname maar een direct gevolg van hoe de ESPR is opgezet: de algemene verordening geeft het kader, maar de concrete eisen per productgroep — inclusief eventuele overgangstermijnen — komen pas met die aparte handeling.

Wat er nu wel te doen is, in de volgorde die logisch is

Eerst is het zinvol om te kijken naar wat al vaststaat los van de datum: de verplichte basisgegevens over een kledingstuk (materiaal, herkomst waar relevant, zorginstructies) veranderen niet door het productpaspoort, dus daar is geen aanpassing nodig vanwege dit traject. Daarna is het verstandiger om te kijken naar de eigen gegevenshuishouding dan naar het label zelf: welke informatie over een product is al vastgelegd, waar komt die vandaan, en is die per artikel of batch beschikbaar. Dat is werk dat toch nodig is zodra een paspoort samengesteld moet worden, en dat nu al kan beginnen zonder dat er een fysieke wijziging aan label of verpakking voor nodig is. Een overzicht van die aanpak in volgorde staat op de pagina over de stapsgewijze aanpak van het productpaspoort. Pas in een latere fase, als de gedelegeerde handeling er is en de eisen aan de datadrager vaststaan, wordt het relevant om te bepalen of een QR-code op een bestaand label past, een aanvullend label nodig is, of de verpakking wordt aangepast — dat is dan ook het moment waarop leveranciers van labels en verpakking daadwerkelijk iets anders moeten produceren. Wie nu al wil zien wat er zonder die zekerheid toch al opgepakt kan worden, vindt dat op de pagina over wat er nu al te doen is terwijl de regels nog niet definitief zijn.

De basis: artikel 18, 11, 38, 16 en 17 van de ESPR

Dat de eisen per productgroep apart worden vastgesteld en geprioriteerd, volgt uit artikel 18 van de ESPR (prioritering en planning), waarin kleding als vroege categorie is aangewezen binnen het werkplan. De technische invulling van het paspoort zelf — en daarmee ook de datadrager die op een label of verpakking terecht zou moeten komen — volgt uit artikel 11 van de ESPR (technisch ontwerp en werking van het digitale productpaspoort). Artikel 38 van de ESPR regelt de vereisten voor actoren in de toeleveringsketen, wat relevant wordt zodra de verplichting daadwerkelijk ingaat en duidelijk moet zijn wie welke gegevens aanlevert. Los daarvan gelden artikel 16 (etiketten) en artikel 17 (nagebootste etiketten) van de ESPR al in algemene zin over hoe etiketten zich mogen verhouden tot het duurzaamheidsbeeld van een product, maar die artikelen scheppen op zichzelf geen verplichting om nu al een QR-code toe te voegen.

Wat te doen met deze informatie

Concreet betekent dit dat er nu geen reden is om labels of verpakking te laten herdrukken vanwege het productpaspoort, maar wel dat het verstandig is om de eigen productgegevens op orde te krijgen zodat een latere aanpassing geen vertraging oplevert. Wie wil weten wat dat in kosten betekent zodra het wel zover is, vindt een indicatie op de pagina over de kosten van een productpaspoort.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

De vraag of labels en verpakking nu al aanpassing nodig hebben, valt in twee delen uiteen: wat de regelgeving voorschrijft over etikettering, en wat praktisch verstandig is om nu al te doen. Dat onderscheid is belangrijk, want de gedelegeerde handeling voor kleding is er nog niet.

De QR-datadrager moet op een bepaalde manier op het product komen

Artikel 11 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) regelt het technisch ontwerp en de werking van het digitale productpaspoort, waaronder de manier waarop de datadrager — in de praktijk een QR-code — aan het product wordt gekoppeld. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers betekent dit dat er op enig moment een fysieke of digitale drager op het kledingstuk, het label of de verpakking moet komen die naar het paspoort verwijst. Hoe en waar dat precies moet, wordt pas concreet ingevuld in de productspecifieke gedelegeerde handeling. Tot die tijd is er geen voorschrift dat aangeeft hoe een label voor kleding er exact uit moet zien.

Etiketten mogen niet misleiden over duurzaamheidseigenschappen

Artikel 16 van de ESPR gaat over etiketten in algemene zin, en artikel 17 verbiedt nagebootste etiketten die de indruk wekken dat een product aan bepaalde eisen voldoet zonder dat dit het geval is. Dit raakt niet alleen aan het toekomstige productpaspoort, maar aan alle claims die nu al op labels of verpakking staan. Voor een kledingmerk betekent dit dat labels die nu al duurzaamheidsclaims bevatten, of die verwijzen naar een certificering, ergens op moeten kunnen steunen. Dat is een ander aandachtspunt dan het productpaspoort zelf, maar het loopt er wel doorheen: wie labels nu al aanpast, doet er goed aan om ook deze bepalingen mee te nemen.

De volgorde van invoering ligt niet bij het individuele bedrijf

Artikel 18 van de ESPR beschrijft hoe de Europese Commissie prioriteert welke productgroepen eerst aan de beurt zijn, en op basis van welke criteria dat gebeurt. Voor kleding en textiel is dat traject in gang gezet, maar de datum van de gedelegeerde handeling ligt nog niet vast. Voor een bedrijf betekent dit dat er geen individuele keuze is over wanneer de verplichting ingaat — die volgorde en dat moment worden centraal bepaald. Wat een bedrijf wel zelf kan bepalen, is het moment waarop het zich voorbereidt.

Verplichtingen verschillen per rol in de keten

Artikel 38 van de ESPR maakt onderscheid tussen actoren in de toeleveringsketen: fabrikant, importeur, distributeur. Voor een label of private-label merk dat kleding laat produceren, betekent dit dat de vraag "wie moet het label aanpassen" niet voor elk bedrijf hetzelfde antwoord heeft. Een importeur die kleding onder eigen merk op de markt brengt, heeft een andere positie dan een fabrikant die voor meerdere merken produceert. Wie hier meer over wil weten in relatie tot de eigen productcategorie, leest verder bij Geldt het digitaal productpaspoort voor mijn kleding en textiel?

Waar het misgaat in de praktijk

Een veelvoorkomende situatie is dat een bedrijf nu al grote voorraden labels of hangtags laat drukken met een QR-code die naar een eigen website verwijst, in de veronderstelling dat dit al "het" productpaspoort is. Zonder dat de technische eisen uit artikel 11 zijn vastgesteld, is niet te zeggen of die drager straks aan de eisen voldoet.

Een andere situatie: een merk voegt op het label alvast duurzaamheidsclaims toe ("circulair", "duurzaam geproduceerd") om vooruit te lopen op de verwachte regels, zonder dat deze claims onderbouwd zijn. Dat raakt direct aan artikel 17 over nagebootste etiketten, los van het productpaspoort.

Een derde situatie speelt bij bedrijven die grote partijen kleding met vast label laten produceren in een land buiten de EU, met een lange doorlooptijd tussen bestelling en levering. Wanneer de productie nu wordt vastgezet met een label dat niet aanpasbaar is, kan dat later een probleem worden als de datadrager alsnog moet worden toegevoegd of gewijzigd.

Een vierde situatie: verwarring tussen het wasvoorschriftenlabel (met vezelsamenstelling, dat al verplicht is onder andere regelgeving) en het toekomstige productpaspoortlabel. Sommige bedrijven denken dat het bestaande label al voldoet, terwijl het om een andere verplichting gaat.

Een vijfde situatie is dat een bedrijf helemaal niets doet en pas in actie komt zodra de gedelegeerde handeling is gepubliceerd, terwijl de aanpassing van verpakkingsontwerp, drukwerk en leveranciersafspraken in de praktijk meer tijd vraagt dan gedacht.

Wat u kunt vastleggen

  • Een overzicht van welke labels en verpakkingen nu in gebruik zijn, per productlijn, inclusief wie deze ontwerpt en drukt.
  • Afspraken met leveranciers en drukkerijen over de mogelijkheid om een QR-code of datadrager later toe te voegen, zonder dat bestaande voorraad labels of verpakking waardeloos wordt.
  • Een lijst van duurzaamheidsclaims die nu al op labels of verpakking staan, met daarbij de onderbouwing die daarvoor beschikbaar is.
  • Een overzicht van de rol die het eigen bedrijf inneemt in de toeleveringsketen (fabrikant, importeur, distributeur), als basis om later te bepalen wie welke verplichting draagt.
  • Een logboek van beslissingen over labelontwerp en verpakking, zodat later te herleiden is waarom bepaalde keuzes zijn gemaakt en op basis van welke informatie.

Voor bedrijven die willen weten wat er, los van deze afwachtende stap, al concreet kan worden opgepakt zonder het risico van verkeerd geïnvesteerd drukwerk, is er de pagina Wat kan ik nu al doen terwijl de regels nog niet definitief zijn? Wie liever een compleet overzicht van het hele traject wil, van eerste voorbereiding tot livegang, vindt dat bij Hoe pak ik het productpaspoort voor kleding en textiel stap voor stap aan?

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-09-05. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.