Wie in het textielpaspoort een percentage gerecycled materiaal opneemt, heeft daar een aantal stukken voor nodig: een verklaring van de leverancier over de herkomst van het gerecyclede materiaal, een certificaat van het certificeringsschema waaronder dat materiaal is verwerkt, een testrapport van een laboratorium dat de vezelsamenstelling bevestigt, en de inkoopdocumentatie die het percentage koppelt aan een specifieke partij garen of stof. Dat is de lijst. Het detail dat bij dit onderwerp het meest speelt, zit niet in de lijst zelf maar in de samenhang ertussen.
Een percentage gerecycled materiaal is namelijk alleen bruikbaar als het herleidbaar is tot een ononderbroken reeks verklaringen, van de bron van het afvalmateriaal tot aan het kledingstuk dat de winkel binnenkomt. Elke schakel in die keten moet aansluiten op de vorige. Ontbreekt er ergens een stuk, dan valt niet meer vast te stellen of het cijfer op het paspoort nog klopt met wat er daadwerkelijk in het product zit. Dat maakt dit onderwerp anders dan bijvoorbeeld een wasvoorschrift of een landcode: die zijn op zichzelf te controleren, een recyclingpercentage niet.
Waarom juist hier de keten telt
Gerecycled materiaal wordt in de praktijk vaak gemengd, bijvoorbeeld tijdens het spinnen van garen uit een partij die deels uit nieuw en deels uit hergebruikt materiaal bestaat. Certificeringsschema's werken daarom vaak met een systeem waarbij het percentage over een hele batch of periode wordt toegerekend, in plaats van dat elke vezel individueel is te herleiden. Dat is een erkende en gangbare methode, maar het betekent wel dat de onderbouwing staat of valt met de administratie eromheen: welk certificaat hoort bij welke levering, en wie heeft dat op welk moment vastgesteld.
Wat u in de praktijk verzamelt
In de praktijk komt het neer op vier lagen die bij elkaar horen. De eerste laag is de verklaring van de directe leverancier over waar het gerecyclede materiaal vandaan komt, bijvoorbeeld post-consumer textiel of productieafval. De tweede laag is het certificaat van het schema waaronder de verwerking heeft plaatsgevonden, met het nummer of de referentie waarmee het is te koppelen aan een specifieke transactie. De derde laag is een testrapport dat de samenstelling bevestigt, meestal opgesteld door een onafhankelijk laboratorium. De vierde laag is de eigen inkoopadministratie: pakbonnen, ordernummers en facturen die de partij daadwerkelijk koppelen aan het artikel dat op de markt komt. Zonder die vierde laag is de rest van de keten juridisch en feitelijk niet aan uw eigen product te knopen, hoe degelijk de certificaten op zichzelf ook zijn.
Wat als een schakel ontbreekt
Het komt voor dat een leverancier wel een certificaat toont, maar niet de onderliggende toerekening naar de specifieke levering. In dat geval is het percentage op papier wel aannemelijk, maar niet aantoonbaar voor precies dat product. Wat dat in de praktijk betekent voor een individueel bedrijf, en welke stukken daarvoor toereikend zijn, is niet in het algemeen te zeggen: dat hangt af van het certificeringsschema, de sector en de manier waarop de gedelegeerde handeling dit uiteindelijk invult. Die gedelegeerde handeling moet nog worden gepubliceerd; tot die tijd is dit een van de onderdelen waarvan de precieze eisen nog niet vaststaan. Voor een oordeel over een concrete situatie is een jurist of de bevoegde toezichthouder het aangewezen aanspreekpunt.
Waar dit terugkomt in het paspoort
In het paspoort zelf komt doorgaans niet de hele keten van documenten te staan, maar het percentage en een verwijzing naar het onderliggende bewijs. Dat bewijs moet echter wel ergens liggen en tien jaar bewaard blijven, want een paspoort dat een claim doet zonder onderbouwing is kwetsbaarder voor vragen dan een paspoort dat er niet over rept. Bij het samenstellen van het paspoort is het daarom praktisch om de vier lagen als één dossier per artikel of per productielijn te bewaren, in plaats van verspreid over verschillende afdelingen of leveranciers.
Welke stukken voor uw eigen assortiment nodig zijn, hangt af van het soort gerecycled materiaal, het certificeringsschema en de opzet van uw keten. In een paar vragen ziet u waar u ongeveer staat, en in de kennisbank per onderwerp staat uitgewerkt welke documenten bij welke claim horen. Hoe wij die gegevens van de fabrikant of importeur verwerken tot een paspoort, staat toegelicht op de pagina over hoe het werkt, en veelgestelde vragen over dit soort onderbouwing staan verzameld bij de veelgestelde vragen.
Wilt u eerst voor uzelf op orde krijgen wat u al in huis heeft en wat nog ontbreekt, doe dan de gratis quick-scan of blader door de onderwerpen in de kennisbank. Beide geven een eerste richting, zonder dat u daarvoor meteen een account hoeft aan te maken.